Sederavond (Hebreeuws: leel haseder – ליל הסדר; ouderwetse spelling seideravond) is een avond aan het begin van het acht dagen durende Pesachfeest, waarin joden uit de Haggada lezen, wijn (of druivensap) drinken en een feestelijke sedermaaltijd gebruiken. In Israël wordt één sedervond gevierd en erbuiten twee. De Haggada behandelt het verhaal van de joodse slavernij in Egypte en de uittocht uit Egypte. Seder (סדר) betekent letterlijk volgorde of orde, omdat de gebruiken volgens een volgorde of orde worden uitgevoerd die eveneens in de Hagada staat.
De sedermaaltijd bestaat uit het eten van ongezuurde broden en bittere kruiden en is uitgegroeid tot een maaltijd met als centrum de sederschotel, met ongezuurd brood (matze), een symbolisch bot van een lam, ei, bittere kruiden (maror), maar ook zoet charoset. De maror staat symbool voor de onderdrukking van de joden in Egypte, de matzes voor het feit dat ze overhaast uit Egypte moesten vertrekken, zonder tijd om het brood te laten rijzen. De charoset staat voor het geluk na de bevrijding, maar de vorm van het gerecht doet juist denken aan het cement van de steden die joden als slaven voor de oude Egyptenaren zouden hebben gebouwd. Geen religieus voorschrift maar gewoon een gebruik, is het eten van dunne soep met matzeballen tijdens de sedermaaltijd.