Het boek Habakuk is onderdeel van het Oude Testament en de Tenach. De naam Habakuk betekent 'Hij die omarmt'. Het boek is waarschijnlijk geschreven door Habakuk rond 650-627 (of enkele jaren later) voor de gangbare jaartelling.
Het boek bevat drie hoofdstukken.
Het eerste deel van het boek valt samen met hoofdstuk 1, en kan worden samengevat met de woorden: "Toen de profeet in de geest de formidabele macht van de Chaldeeën het land zag naderen en bedreigen, en het grote kwaad zag dat zij in Judea zouden aanrichten, bracht hij zijn last voor God." (1:2-17) Bij deze gelegenheid wordt de toekomstige straf van de Chaldeeën aan hem onthuld. (hoofdstuk 2) Het derde hoofdstuk bevat een subliem stuk lyriek opgedragen aan de opperzangmeester, en daarmee bedoeld voor de eredienst. Hierin wedijvert in het hart van de profeet de hoop op straf van de vijand met het leed dat het land ondergaat. De uitdrukking in 2:4, "De rechtvaardige zal door het geloof leven wordt door de apostel Paulus in Romeinen 1:17 aangehaald. (Vgl. Gal. 3:12; Heb. 10:37, 38.)