Anabaptisme (ook wel mennonisme genoemd naar zijn stichter Menno Simons, voorts ook bekendstaand als de mennonieten) is een kerkelijke stroming daterend uit de tijd van de Reformatie. Volgens veel geschiedschrijvers en diverse evangelicale stromingen ligt de oorsprong van het anabaptisme echter nog ver voor de Reformatie. Het idee van volwassendoop stamt namelijk uit de zeer vroege christelijke kerk, nog voor het ontstaan van de Rooms-katholieke Kerk, en pas in de vroege middeleeuwen is deze afgeschaft.
Wat hen onderscheidt van de andere protestanten is hun leer van de volwassendoop daarmee de verwerping van de kinderdoop inhoudende. Om die reden en tevens vanwege politieke meningsverschillen werden zij indertijd niet alleen fel bestreden door de Rooms-katholieke Kerk maar ook door de andere protestanten. De beweging kan volgens velen dan ook niet als onderdeel van het protestantisme worden gezien maar dient volgens onder andere R.H. Matzken te worden gezien als een zelfstandige stroming of stromingen welke altijd naast de Rooms Katholieke Kerk heeft bestaan. Een bekende martelaar uit de beweging was Felix Manz. Hij werd in Zürich, door de protestantse autoriteiten, in 1527 omgebracht door verdrinking nadat hij vele jaren in gevangenschap had doorgebracht vanwege zijn "wederdoop".
Anabaptisme betekent 'opnieuw dopen', vandaar ook de andere naam die voor hen in zwang was, de wederdopers. Uit hen is onder andere de Doopsgezinde kerk voortgekomen. Wat betreft het aspect van de volwassendoop zou men ze als voorlopers van het baptisme en de Evangelische- en Pinkstergemeenten kunnen beschouwen.
De anabaptisten of de Dopers waren een beweging met verschillende groepen met eigen theologische opvattingen.